De ochtend mis trok langzaam op in het Elfenland, Koning Mylesso was vroeg op.
Hij liep naar buiten,het was koud hij wandelde naar de rivier toe en bleef daar staan.
Mylesso keek over het water en dacht aan zijn volk en aan Ellianne,hij hoopte dat ze veilig aan komt in avalon.
Zij was de enige die kon zorgen dat Terros zijn macht verloor. Terwijl hij in gedachten staat verschijn er naast hem een vreemde man. Wees niet bezorgd sire Mylesso alles komt goed Ellianne is niet alleen.
Mylesso draaide zich om en keek naar de vreemde figuur naast hem.
Wie bent u? Ik ben de Elfen-orakel ik ben de ziener der toekomst. Als gij de ziener der toekomst bent vertel mij of ik ooit weer terug zal keren met mijn volk naar mijn land. De Elfen-orakel antwoorden, terug keren zult u met uw volk. Maar voor het zover is zult u ook dit Elfenland verlaten, samen met de Elfen.
Mylesso keek de ziener niet begrijpend aan,Elfenland verlaten met de elfen ? Waarom?
Terros is een plan aan het maken om bezit van het Elfenland te nemen. Daarom kom ik jullie waarschuwen.
Maar waar moeten we dan heen,vraagt Mylesso en keek de ziener aan. De Orakel van de geest zal jullie naar een andere en veilige plaats brengen. Mylesso keek hem aan, en fluisterde zal Ellianne ons dan weer vinden.
De ziener keek hem aan, en antwoorden
e tijd komt en zij zal weer terug keren onder jullie volk.
Ga nu Mylesso met uw volk en de Elfen, voor dat de dag om is. Mogen de goden jullie begeleiden.
Dan verdwijnt de ziener en mylesso keerde terug naar zijn volk en verteld aan zijn volk en de Elfen wat hij had gehoord. Koning Hebron riep iedereen bij zich,en zegt :Het spijt me mijn allerliefste volk maar wij moeten dit land verlaten,Priester Terros wil dit land in nemen, wij moeten vluchten nu het nog kan.
Maar waar moeten we dan heen vroeg een van de Elfen,en keek Hebron aan. De Orakel van de geest zal ons naar een veilige plaats brengen waar Terros niet kan komen. En Ellianne dan? Als zij terug keerd dan weet zij niet waar wij zijn. Mylesso kwam naar voren,wees niet bang mijn volk, Ellianne zal terug keren onder onze volk.
Zij zal ons weten te vinden, en ooit keren we allemaal terug naar het land waar wij thuis horen.
Kom laten we gaan in pakken en ons klaar maken voor het vertrek uit dit land.
Iedereen ging weg, Mylesso keek Hebron aan,en beide wisten dat hun nog een weg vol gevaren wachten.
Tegen de avond was iedereen klaar om te vertrekken, langzaam vertrok hebt volk het elfenland uit.
Nog een keer om kijkend, dit moeten ze nu achter laten hun land hun woon plaats waar iedereen was geboren.
Met veel verdriet gingen ze op weg. O wat haten ze de priester.
Het werd al gauw donker en ze liepen door het bos op zoek naar een slaap plaats.
Waar ze kunnen rusten en slapen,zodat ze morgen verder kunnen.Ze weten niet hoelang ze gelopen hebben, de nacht viel al snel in en ze hadden nog geen slaap plaats kunnen vinden. Duncan hun verkenner was al voor uit gereden en kwam even later terug met de mededeling dat hij een slaap plaats had gevonden, het was wel in grot.
Beter dit dan buiten in de kou te slapen zegt Mylesso. Is alles veilig in die grot vroeg Hebron en keek Duncan aan.
Ik heb de hele grot door zocht en niets gevonden ,mooi breng ons er snel heen het wordt al aardig koud hier in dit oord. Na een kwartiertje lopen kwamen ze bij de grot aan, en de vrouwen gingen gelijk voor het vuur zorgen, terwijl andere voor hun kinderen in de grot slaapplaatsen klaar maakten. Voorlopig kunnen we hier blijven, een paar dagen, eten hebben we genoeg bij ons Heer Hebron. Het lijkt me ook wel wenselijk dat we hier blijven een paar dagen rust zal ons allemaal goed doen. Mylesso draaide zich om en zegt tegen Duncan, ga met een paar mannen op de uit kijk staan, en meld ons als er iets . Zeker Heer Mylesso.! Duncan zocht wat mannen bij elkaar en ze vertrokken. Hebron en Mylesso en hun vrouwen zaten bij elkaar ze praten over hoe het nu verder moet.
We kunnen niet voor eeuwig hier blijven in deze grot zei zijn vrouw Debra. Maar waar moeten we dan heen, vraagt Bella het dienstmeisje die het gesprek gehoord had. Ik zou het niet zo gauw weten Bella, op dit moment.
Ik denk dat we goed aan doen om te gaan slapen en morgen zien we wel verder,hier zijn we veilig voor Terros.
Je hebt gelijk zei Hebron, morgen zal ik Admi op onderzoek uit laten gaan.
Dat is goed Hebron zei Mylesso, welterusten allemaal.
Ze kropen onder hun dekens en vielen in slaap.
copyright by Anja Mooij
De weg liep langzaam omhoog door het bos. Het ravijn versmalde, de hellingen werden kaal en steil. Ze ging een bocht om en zag de poort voor zich liggen.
Hijgend bleef ze staan. Het licht was anders deze keer, de ruďne leek minder onheilspellend, minder duidelijk, meer als een van de kliffen waaraan hij was ontsproten. Ze kon de illusie van een gezicht erin niet onderscheiden. Ze zag alleen maar een ruime van witte steen oud en triest, maar niet dreigend. Gerustgesteld liep ze naar voren.
Zelfs toen ze bij de poort zelf kwam aarzelde ze niet. De uitgang was te zien achter een duisternis waarin het gebulder van een waterval in de diepte weergalmde. In een oogwenk kwam ze aan de andere kant te voorschijn
Het ravijn had zich opvallend verbreed. De maan scheen helder en wierp scherper afgetekende schaduwen.
Rechts van haar stortte een riviertje omlaag in een ondoordringbare duisternis, maar de bodem van het dal voor haar was recht en kaal, geflankeerd door kliffen.
De weg liep door. Aan beide kanten glansden hoge bergen als ijzige geesten onder de zilveren bol van de maan. Er was geen kleur, alles was bleek en donker , met enkel plekje sneeuw. Haastig en zwijgend liep ze verder en liet het geluid van de waterval al spoedig achter zich. Zelfs de wind was gaan liggen. Ze hoor niets dan vage geknars van haar voeten op het grind en het gestage kloppen van haar hart.
Zo gemakkelijk zou het niet zijn. Toch bleef de weg leeg en recht. Het riviertje was volledig verdwenen.
Bij elke bocht kon het gevaar op de loer liggen. Het pad was effen, maar liep zigzaggend tussen de puntige monolieten, en ze kon zelden ver voor zich uit kijken.
Knars, knars, knars , zeiden haar voeten op het grind.
Het licht was vreemd, een etherische mengeling van zilver en gitzwart.
Hoewel het windstil was, voelde ze de lucht ijskoud op haar verhitte gezicht. Haar adem vormde wolkjes van een regenboogkleurige nevel.
Knars, knars, knars.
Ze gebruikte haar gezonde verstand en begon een beetje voorzichtig te worden, vertraagde haar pas bij elke blinde hoek,liep behoedzaam een bocht om,voor het geval een of andere verschrikking haar de weg versperde. Altijd lag de weg leeg voor haar in het maanlicht.. Hoever zou ze moeten gaan. De hoge toppen staken glinsterend en onveranderlijk af tegen de lucht. De weg van de Consecratie kon toch zeker niet dwars door de bergketen voeren, welke gebergte het ook was, want dan zou in de buiten wereld zijn,en priesteressen gingen nooit naar de buitenwereld waar de demonen op de loer lagen. Toen ze bij de wand vandaan liep, bewoog haar schaduw erop. Uit haar ooghoek twee schaduwen! Ze gilde en voor ze het wist begon ze te rennen.
Ze had niet achterom gekeken! Maar uit haar ooghoek had ze de tweede schaduw gezien, vlak achter die van haar zelf. Het was een vreemde lichtval geweest, ja toch? Ze holde over het pad.
Kna-rs, kna-rs. Er was iets veranderd in haar voetstappen. Ze klonken niet meer het zelfde. Ze leken iets vlak achter haar te weerkaatsen.
Op haar hielen. Hield gelijke tred met haar.Kna-rs, kna-ars,kna-rs… Hij bleef bij haar. Achter haar rug.Twijgen,verdroogde takken-geen beenderen! Kijk niet achterom!
Ze rende tot ze een steek in haar zij kreeg en niet meer kon rennen. Wankelend van uit putting ging ze langzamer lopen. Niets liep tegen haar op,niets greep haar. Boven het bonzen van haar hart uit hoorde ze nog steeds de voetstappen, gelijk met de hare, op de dezelfde plek waar zij haar voeten had gezet, vlak achter haar.
Er was niets, sprak ze zichzelf de moed in, maar wist dat ze loog. Het was vlak achter haar,dichterbij genoeg om de adem in haar hals te voelen,als het ademde. Dichtbij genoeg om haar aan te raken, als het kon aanraken.
‘Wie ben je? Vroeg ze met een schrille stem, zonder om zich heen te durven kijken.
Geen antwoord, geen wind.Alleen haar bonzend hart en die exact volgende voetstappen.
‘Vertel me wie je bent! Riep ze luider. In naam van de priesteres, vertel het me!
Deze keer kwam er een antwoord, maar of het een zucht in de nachtlucht was of een gedachte in haar hoofd, wist ze niet.
Ik ben Magiër Valoris,ik ben de gene die jouw komt helpen. Bij het horen van die naam draaide Ellianne zich om en ziet de magiër staan in het maanlicht. Het spijt me als ik je hebt laten schrikken,Ellianne maar je liep zo hard weg voor ik wat kon zeggen. Jij bent de magiër die ik zou ontmoeten op weg naar Avalon.
Dat klopt ik zal helpen zo goed als ik kan. Nu moest ze glimlachen, was ze daarom zo bang geworden ze was het helemaal vergeten dat ze hem zou ontmoeten. Kom met me mee daar is een schuil plaats voor de nacht.
Dan kan je mij vertellen wat er allemaal aan de hand is, Ellianne. Morgen gaan we verder naar Avalon.
copyright by Anja Mooij
De zon ging onder in het elfenland. Ellianne zat onder een wilg aan de oever van het rivier, met haar kin op haar knieën,en staarde naar het kolkende water onder haar. Ze vroeg zich af hoe water tegelijk helder en donker kon zijn. Op het land achter haar stonden de paarden te grazen en daarachter lagen weer de heggen en de boomgaarden . Een weg leidde naar een pad.Dit slaperige land was het elfenrijk dichtbevolkt en welvarend en vreedzaam. Maar achter de zomer van hun vrije vreedzame leven loerde bedreiging van de Almachtige Terros en rezen schaduwen van de duister. Het was net als de rivier, helder en duister tegelijk.
De oever aan de overkant was lager.Daar stroomde de rivier over een stenige bedding,onschuldig en simpel. In het beboste land daar achter waren geen boomgaarden of paarden of elfen, alleen de ongerepte natuur.
Een league vormde een ronde heuvel de horizon,onschuldig en simpel?Nee, dat land was van thume, daar was niets onschuldig of simpel . Ze voelde zich ziek van verlangen en heimwee, en tegelijkertijd afstoten door dat onheilspellende bos zij een priesteres, die hield van de bossen en natuur gebieden! Ze reageerde natuurlijk op de aversie bezwering,en ze kon die tenietdoen als ze dat wilde, maar intuďtie waarschuwde haar dat er groot gevaar dreigde als ze de rivier overstak. Ze kon de door de tovenaarshand aangebrachte barričre zien als een vage nevel tussen de bomen. Misschien had haar aandacht de archon al gealarmeerd. Waarschijnlijk was ze sinds haar vertrek geen moment buiten het gezichtsveld van de hoeder geweest.
Wat moest ze doen? Gevaar of geen gevaar, haar plicht riep haar naar huis. Avalon verkeerde in gevaar. Het volk van Avalon verkeerde in gevaar. Wie dienen zij? De hoeder de priesteressen, Ellianne weet het niet.
Er wacht een taak voor haar in Avalon, die zwaar zal zijn. Alle volken van het land der elfen,verwacht van haar dat ze het land der duisternis waar Terros over heest kan verslaan. Maar voor ze zover is moet ze eerst de zilveren staf vinden met de rode robijn. Terwijl ze zo in gedachten was verscheen naast haar vrouwe debra.
Ze ging naast Ellianne aan de oever van de rivier zitten., je maak je zorgen is het niet.
Ja, vrouwe Debra ik weet niet of ik deze taak aan kan, alles is zo verwarrend Nu ik voel dat ook Avalon in gevaar is. Mijn moeder de priesteres wist overal raad op waarom hebben de Priesteressen mij gekozen Debra.
Op het gezicht van Debra verscheen een glimlach, omdat jij Ellianne meer magie bezit dan dat je denkt alleen je ziet het zelf nog niet. En je tijd is gekomen dat je moet gaan naar Avalon, Ellianne maar voor je gaat wil ik je dit nog geven. Ze deed haar hand open en Ellianne ziet een gouden roos met een kristal ,ze nam hem aan.
Verlies deze roos nooit uit het oog Ellianne zij zal je beschermen en je helpen om de zilveren staf te krijgen.
Zorg dat het niet in verkeerde handen valt, gebeurt dat wel dan zal er geen elfen of dwergen meer bestaan.
Dan zal alles verdwenen zijn, en dan heeft Terros alles in zijn macht,dan zal alles voorgoed in duister gehuld zijn.
Beide hadden niet in de gaten dat er boven in de boom een kraai zat die hun gesprek had gehoord.
De magiër had alles gehoord, en kon zijn geluk niet op wat hij hoorde. Hij moest dit melde aan Terros.
Ellianne voelde plotseling iets ze keek om hoog en ziet weer de zwarte kraai,ze keek hem aan.
Dan steek ze haar hand uit en zegt,Amenesia Completa gij zul alles vergeten wat gij gehoord heeft.
De kraai veranderde zich in een magiër, dan ziet Ellianne wie hij is. Ze was zo woest dat ze een vloek over hem uitsprak. Paralitis(een verstijving spreuk) de magiër bewoog zich niet meer. Kom ellianne je tijd is gekomen dat je moet gaan. Ik heb alles voor je reis in orde gemaakt, in het elfendorp nam iedereen afscheid van Ellianne.Kom snel weer terug Ellianne zei de kleine elf ronda,ik kom terug dat beloof ik jullie .En dan zal iedereen weer terug keren naar hun land. Heer Hebron kwam naar voren en gaf haar een kistje ,ze wist voor wie die was en borgde hem op. Ze draaide zich om en ging weg nog eenmaal om kijkend en verdween het bos in.
Heer Hebron had de betovering verbroken van de magiër toen hij het verhaal van Debra had gehoord en stuurde hem weg. Zeg tegen je meester dat wij ons niet laten verjagen door hem. De magiër vluchtte en ging op weg naar Terros. Wacht maar dacht hij jullie zullen verjaagd worden, dan is er geen ene macht die hun kan helpen.
Zelf Ellianne niet,want samen met zijn meester zal hij hun doen verdwijnen van de aardbodem
copyright by Anja Mooij
Terros stond in de zaal met Maryn een trouwe vriend van hem te praten,als even later Raena en Verrarc binnen kwamen lopen. Met daar achter Niffa die hun moeilijk bij kon houden met zijn korte beentjes. Terros liep naar hun toe en begroeten hun. ‘’Welkom mijn beste vrienden”! Ik hoop dat u reis voorspoedig is geweest. Zeker heer Terros, we hebben iemand mee genomen die op weg was naar u. Dan komt Niffa achter hun tweeën vandaan,Terros herkende hem gelijk. Mijn beste Niffa welkom in mijn kasteel, de brief van u vader heb ik nog bewaart. Ik vind het heel erg wat er met u vader gebeurt is hij was een zeer grote magiër . ‘’Dat was hij zeker heer Terros,ik hoop dat u mij les wil geven. Zeker Niffa dat wil graag doen,maar beste vrienden ga zitten, Dilla haal de wijn en geeft mij gasten iets te eten en te drinken. Dilla liep snel weg en kwam even later terug met de kan met wijn.
En gaf de gasten hun drinken, ze maakte een buiging en ging terug naar de keuken,om het eten klaar te maken voor de gasten van haar Heer. Raean stond op en zegt :” Je schreef dat Ellianne nog leefde, hoe weetje dat zij het is? ‘’Mijn beste vriend de magiër hij hoorde een gesprek tussen de Elf Hebron en Ellianne. Maar dat zegt toch nog niks zegt Verrarc. Luister ik had gedacht dat ze dood was omdat we niets meer van hoorde ze was van de aard bodem verdwenen. De magiër is er achter gekomen dat zij jaren lang bescherming van de koning Mylesso heeft gekregen. ‘’Mylesso? Zegt Raena verbaasd, maar heb je niks gemerkt toen je hem zijn land afnam dat Ellianne er was. “’ Nee! Mijn mensen de zilverdolken hebben het werk gedaan om het land in handen te krijgen. Maar waarom ben je dan zo bang voor haar, ze is gevlucht met Mylesso. Ze kan je geen kwaad meer doen, zegt Verrarc die een slok van zijn wijn nam.? Terros draaide zich om en sloeg met zijn hand op de tafel, en zegt tegen Verrarc,”
Geen kwaad, zegt jij nu ze kan me zeker veel kwaad aan doen, vooral als ze de zilveren staf met de rode robijn in haar bezit krijgt. Bij het woord zilveren staf kijk Raena hem verschrikt aan,en stammelde…z…zilveren….staf. robijn. Mijn hemel weet je wat dat betekend! ‘’Verrarc keek haar verbaasd aan,” nee zou het niet weten”Raena.!
Doe niet zo dom,je weet heel goed wat het betekend, je ken het orakel der elfen toch. Verrarc keek haar aan ,ja die orakel ken ik ,maar de staf ligt toch in het meer hebt ik gelezen. En er zijn zat prinsen en koningen geweest om de staf uit het meer te krijgen,en nog nooit is het iemand gelukt. Terros liep heen en weer en bleef dreigend voor zijn vriend de dokter staan. “Nee! Niemand is het gelukt maar ik durf mijn kasteel te verwedden dat het haar wel lukt. Dus hou op met dat het nooit iemand zou lukken,dokter Verrarc. Wat ga je er tegen doen zegt Niffa die het allemaal maar aan gehoord heeft. Zij is bij de Elfen en daar kom jij niet zo gauw binnen,want ze wordt beschermd door hun. En je weet dat Dallarda de elf veel macht bezit. Dat weet ik Niffa, maar Ellianne zal eens het elfenland verlaten want zo als ik hoorde van mijn spion dat ze binnen kort naar Avalon gaat. ‘’Avalon? Is dat soms de mysterieuze stad in de mist over het water. Waar niemand kan komen alleen de gene die met Avalon verbonden is. Ja, mijn beste Niffa ik zou er heel wat voor hebben om Avalon in mijn macht te hebben. Maar daar blijkt de gene veel meer kracht te hebben dan ik. O wat zou ik dat graag willen hebben dan heb ik alles in mijn macht en maakt ik het tot het rijk der duisternis. Maar goed daar kan ik alleen maar van dromen. En wat is je plan om te zorgen dat Ellianne niet Avalon kan bereiken vraagt Raena. Daarom heb ik jullie laten komen, mijn beste vrienden. We moeten samen een goed plan uit werken,om te zorgen dat Ellianne nooit Avalon kan bereiken en ook dat ze niet de zilveren staf uit het meer kan krijgen. Maar dat bespreken we morgen wel, het is al laat Dilla wijs jullie je kamers en slaap lekker. Ze stonden op en gingen weg, Terros ging zitten in zijn stoel en dacht na , slapen kon hij toch niet meer. Hij nam zijn toverboek en ging er in zitten lezen, op zoek hoe hij haar kon vernietigen voor goed. De nacht viel in en Dilla stak het haard vuur aan voor Terros het was koud geworden Terros was met zijn boek en al in slaap gevallen. Dan gaat ze stilletjes weg, en dooft de fakkels.
Copyright bij Anja mooij
Hoog in de Rhiddaer ten westen van deverrey, kwam de lente vroeger dan normaal een goed voor teken, dat vonden sommige tenminste. Vroeg in de ochtend van een mooie dag verliet dokter Verrarc zijn huis en liep de berg op naar het plein op het hoogste punt van de Citadel.Aan het eind van het pad bleef hij staan om neer te kijken op Cerr Cawnwn, de stad waarvan hij bijna net zoveel hield als van de vrouw die onlangs echtgenote is geworden. Citadel lag op een eiland dat steil oprees uit het meer. Aan de kronkelige straatjes tussen de rotsen door lagen de openbare gebouwen en de huizen van enkele rijke families. Het blauwgroene meer, dat door de vulkanische bronnen werd gevoed, lag onder een deken van mist in de koele morgenlucht.. Het zag er allemaal zeer mooi en rustig uit. Maar die ochtend had hij een onbehaaglijk gevoel er over,hoewel hij een jongen man was had hij zich heel wat verdiep in verhalen en legendes. Vooral al in die van Avalon,hij wou meer te weten komen over Ellianne. Maar in geen ene boek kwam hij haar naam tegen of hij moest iets over het hoofd gezien hebben.
Hij dacht terug aan de jaren dat hij Terros en Raena van de wissen dood wist te redden, door Ellianne tegen te houden voor dat ze het kristal kapot zou gooien. Maar wat daarna gebeurd is kan hij zich niets meer herinneren.
Wel hoorde hij geruchten dat Ellianne verdwenen was, sommige zeggen dat ze gestorven was en andere zijde dat ze nog leefde en ooit terug zou keren. Hij zuchtte, en keerde zich om en liep langzaam terug.
Toen dokter Verrarc thuis kwam trof hij zijn vrouw aan terwijl ze voor de koude haard heen en weer liep. De ochtendzon stroomde door het raam en viel op haar gouden halsketting,waarop de druppelvormige hangers gloeiden als vlammen. ‘’Die ketting staat je schitterend,liefste,” zei hij.’ Ik ben blij dat je hem mooi vindt, hij is van mijn moeder geweest. “Het is een prachtig sieraad.’Ze legde haar handen op zijn schouders. “Dank je wel.”
Toen hij haar een kus gaf, glimlachte ze, maar deed gauw een stap naar achteren.’Die tovenares Raena is hier, zei vroeg naar je. Weet jij wat ze komt doen? ‘’Raena? Zou het niet weten waar is ze. Ik heb haar naar jouw kamer gebracht. Snel liep hij naar zijn kamer en hij stapte binnen en ziet Raena zitten. ‘’Raena dat is lang geleden ,wat breng jou hier in deverry? Het is zeker lang geleden Verrarc , maar ik ben hier omdat ik een brief van de hoge priester Terros hebt gekregen. Ze haalde de brief voor de dag, en gaf het aan Verrarc, die hem begon te lezen.
Hij zakte neer op de stoel toen hij in de brief lees de ,dat Ellianne nog in leven was en waar ze was . Terros wil hebben dat we naar hem toe komen,zo snel mogelijk. Verrarc,we moeten hem helpen. Dr Verrarc stond op en keek Raena aan, hij slaakte een diepe zucht. “Goed we zullen hem helpen, hoewel hij alles al geprobeerd heeft Ellianne te vernietigen. Ik ga het mijn vrouw zeggen dat ik op reis gaat, en dan pak ik mijn spullen eventjes.
Goed ik wacht buiten op je , mijn paard en wagen staat al klaar.Als we nu vertrekken dan zijn we voor de avond op het kasteel van Terros. Nadat hij afscheid van zijn vrouw had genomen, en zijn spullen bij elkaar heeft gezocht vertrekken ze beide. Onderweg kwamen ze een man tegen , hij vroeg of hij een stukje mee kon rijden op de kar.
Natuurlijk beste man, zegt Raena waar gaat u heen als ik vragen mag. Ik ben op weg naar Greenwood, ik moet de hoge priester spreken.Nu het kom mooi uit wij gaan ook naar Greenwood ,mijn naam is Raena en dit is dr Verrarc en u bent? “Mijn naam is Niffa ik ga in de leer bij de hoge priester Terros. Mijn vader was meester in de zwarte kunst maar hij is overleden. En ik vond een brief waar in stond dat als hij er niet meer zou zijn dan moest ik naar de hoge priester Terros gaan. Raena keek Niffa aan ze moest glimlachen eindelijk nog iemand die aan Terros zijn zijde voegt. Waarom gaan jullie naar Terros als ik vragen mag, Verrarc deed zijn verhaal over Ellianne en de kristal. Niffa luisterde aandachtig,ja over haar heb ik wel eens gehoord,in ons dorp werd er veel over gepraat. Ik hoorde iemand vertellen dat hij in de sterren had gelezen dat zij de opvolgster van Avalon wordt.
En dat zij al het kwaad zou verdrijven en de paardenvolk hun land weer terug te gegeven.
Volgens zeggen zou zij Terros willen vernietigen,en zorgen dat Mylesso zijn land weer terug kreeg zodat hij met zijn volk weer kan wonen in Greenwood. Dat hebben wij ook gehoord , maar ik dacht dat het gewoon van die volks verhalen waren. Terros heeft ons ook om hulp gevraagd, om Ellianne tegen te houden.
Der kwam een glimlach op het gezicht van Niffa, hij dacht wat zijn ze toch stom die twee het verhaal over zijn vader dat die in zwarte kunst deed geloven ze nog ook. Ze moesten eens weten dat hij de spion van het paardenvolk is. Langzaam begon de zon onder te gaan en in de verte zagen zij het kasteel op doemen.
Even later bereiken zij de poort van het kasteel, een van de wachters vroeg wat ze kwamen doen.
Raena toonde een brief, de poort wachter deed de poort open en liet hun erdoor.Hij keek of hij niks meer zag en sloot de poort.De kar reed het plein op en stopte voor de deur van het kasteel , een page kwam snel aan lopen en nam de paarden en de kar mee. De deur ging open en ze stapte alle drie naar binnen, en de deur sloot zijn eigen weer.
.
copyright bij anja mooij
De voorjaarszon kwam op aan de heldere hemel, in het dorp je Greenwood werd iedereen wakker.
Heer Terros zat in de grote zaal en nam wat papieren door die zijn bediende heeft gebracht. Hij genoot van zijn overwinning dat hij Heer Mylesso en zijn volk verjaagt heeft uit het dorp. Hij dacht terug aan een paar jaar geleden dat hij en Raena bijna vernietig werd door Ellianne . Zij wou het kristal vernietigen, maar gelukkig, greep de dokter in . Maar nu heeft hij niets meer te vrezen, zij is van de aard bodem verdwenen.
Volgens zeggen zou zij gestorven zijn toen de hoge priesteres stierf. Terwijl hij in gedachten zat, vloog er een zwarte kraai door het raam naar binnen,en veranderde in de magiër .Terros keek op en ziet zijn vriend de Magiër in eens staan. ‘’Ik had jouw al veel eerder verwacht, waarom ben je zo laat en wat voor bericht breng je mij.
De magiër ging zitten en keek Terros aan,Heer ik heb slecht nieuws voor u. Slechter als dat eten wat ik hier krijgt kan het niet zijn. ‘’Terros schonk voor hem en zijn vriend een beker wijn in en gaf het hem.” Nu komt er nog wat van. Heer ik weet niet hoe ik het moet zeggen, maar Ellianne van Avalon zij leeft nog. Ik heb haar bij Hebron gezien. Bij de naam Ellianne verslikte Terros zich,en stammelde.”E……E…llianne hoe voor de duivel kan zij nog leven. Er werd verteld dat ze dood was, en jij hebt mij dat ook voorspelt,kom ik nou nooit van haar af.
Ik kan jullie ook niks laten doen, maar hoe komt zij dan bij Heer Hebron. De magiër stond op en zei;’Zij blijkt onder gedoken te zijn bij de heer Mylesso die u verjaagt heeft. Ik hoorde een gesprek tussen Ellianne en Hebron.
Hij had het over een zilveren staf,en over de magiër Henegouwen. Het blijkt dat Henegouwen ook nog leeft maar ergens op Avalon . Terros wist niet wat hij hoorde,en zijn ogen werden donker van kwaadheid.
Hij draaide zich om, en schreeuwde dit kan allemaal niet zeg me niet dat er nog een is die machtige is als ik.
Ik weet het niet Heer,maar over de zilveren staf heb ik ooit eens gehoord. Het blijkt veel macht uit de staf te komen. En… Terros was zo kwaad dat hij de magiër niet liet uit praten ,”’Wat voor staf vertel .
Als u mij even uit wil laten praten dan zal ik u vertellen wat voor staf. Het is de zilveren staf met een rode robijn er in. Plotseling werd Terros stil en zijn gezicht werd lijk wit, en zakte op de stoel.Heer wat is er met u.
De zilveren staf met de robijn, begrijp je dat dan niet als zij die staf in haar macht heeft dan kan ze mij vernietigen. Maar hoe kan een staf met rode robijn u vernietigen, u hebt veel meer macht dan zij.
Nee, dan heb ik geen macht meer als zij die vindt, aan die staf is een legende verbonden.
Ooit was Sherwood in oorlog met het paardenvolk, er was een koning die probeerde vrede te brengen door de twee volkeren bij elkaar te brengen.Maar dat is nooit gelukt, tot op een dag de koning een elf van de orakel op bezoek kreeg en hem de staf aan bood. Hij stak hem om hoog en sprak een spreuk uit, de oorlog was voorbij en beide volken levende in vrede. Maar er was een elf die vijandig was en stal de staf en gooide hem in het meer.
Zo hoopte hij dat er weer oorlog kwam maar dat gebeurde niet. Want terwijl hij de staf in het water gooide kwam uit het water een geest,en strafte hem om zijn daad.Van de elf is nooit meer iets vernomen.
De magiër keek zijn Heer aan en begreep waarom hij zo schrok.
Maar heer ze kan u geen kwaad doen, zij kan nooit aan die staf komen. Ellianne kan alles zij heeft veel vrienden meer dan ik. We moeten een plan bedenken, jij gaat weer terug naar elfenland en probeer er achter te komen wanneer zij weg gaat. Ik zal onder tussen mijn page een brief laten bezorgen bij Raena en de dokter ze moeten zo snel mogelijk komen. Ga nu en luister hun gesprek af. De magiër sloeg zijn cape om zich heen en veranderde in een raaf en vloog weg. Terros riep zijn trouwen page bij zich en zegt dat hij een brief weg moest brengen.
Hij ging achter zijn schrijf tafel zitten en schreef een brief aan Raena en de dokter en daar schreef hij in wat hij had gehoord zij werden met spoed op het kasteel verwacht. Hij gaf de brief aan de page , die maakte een buiging en rende weg om de brief zo snel mogelijk te bezorgen. Terros stond op en ging bij het haard vuur zitten, en probeerde zijn gedachten te ordenen, maar het lukte hem niet. Steeds kwam het beeld van die staf terug.
Hij besloot een stuk te gaan lopen in het dorp, dan kon hij zijn gedachten verzetten. Terros stond op ging de stenen trap af naar buiten. En liep naar het dorp.
copyright by anja mooij
Heer Hebron stond in de grote zaal, te praten met zijn gasten.Hij stelde Sire Mylesso en zijn vrouw Debra aan de andere voor. Even later komt de magiër binnen,hij begroete de anderen. Mag ik mij even voorstellen mijn naam is magiër Carradoc. U bent sire Mylesso? Ja dat klopt en dit is mijn vrouw Debra .De magiër keek Debra aan , Debra voelde dat er iets vreemd was met deze magiër. Maar wat dat wist ze niet. Ze keek rond of ze Ellianne zag maar die was er nog niet. Heer Hebron waar is Ellianne?Ze zou toch ook komen? Ja, nu je het zegt ze is er nog niet ik zal haar laten roepen. Maar voor dat Hebron aan zijn bediende kon vragen of hij ellianne wilde halen, kwam ze net aanlopen. De gasten keken haar aan toen zij binnen kwam,een van de gasten fluisterde tegen Duncan, is dat niet
Ellianne van Avalon.’Ja, iedereen praat over haar,volgens zeggen zal zij de nieuwe op volgster worden van priesteres Antallia.Beide mannen keken de vrouw aan, hoe weet je dat Lili, vraagt Duncan. Het staat in het perkament geschreven dat er ooit op een dag een vrouw zal verschijnen die Antallia zal verstoten. Dat zijn allemaal praatjes Lili. Nu dan geloven jullie het niet, maar toch is het zo. Zullen wij allemaal aan tafel gaan, het eten kan op gediend worden, zegt Heer Hebron. Terwijl iedereen aan de tafel zaten kwam een minstreel binnen en begon op zijn luit een lied te spelen. Iedereen zong vrolijk mee er werd gelachen en gedronken.
Ellianne keek naar de vrolijke mensen aan de tafel ze moest glimlachen,toen ze zag hoe Mylesso en zijn vrouw genoten van die vrolijkheid. Het was al laat, ze besloot al vast naar de bron te gaan, waar ze straks Sire Hebron zal ontmoeten. Ze stond op en ging de zaal uit op weg naar de bron,die een stuk verder van het paleis van sire Hebron was. De nacht was koud en ze trok haar cape dicht om haar heen,en liep naar de bron ,de magiër had zijn eigen veranderd in een raaf en zat op een tak naar haar te kijken. Terwijl ze daar stond hoorde ze een geluid, en draait zich om en ziet Hebron aan komen lopen. Ik ben blij dat je gekomen bent, Ellianne ik moet je iets vertellen.
Hij bood haar een plaats aan, op een bank naast hem,ze keek hem aan zijn gezicht stond bezorgt.
Heer? Wat is er dat u mij moet vertellen. Het gaat om de zilveren staf Ellianne, jij hebt bij het meer een bezoek gehad van de orakel der elfen. Ja, dat klopt, heer! Hij had mij ook gezegd dat op de weg naar avalon een magiër bij mij zal voegen . Dat klopt vrouwe maar er is iets wat mij en de andere zorgen baren. En dat is heer?
Zoals je misschien weet heeft Terros de macht over genomen op sher wood en dat hij Mylesso en de bevolking het land uit hebt gejaagd. Ja dat wist ik,heer. Maar der is nog iets Ellianne Terros weet niet dat je leeft hij denkt dat je dood bent. Een van mijn elfen hoorde dat Terros iemand zou sturen om de spioneren. Om na te gaan of je echt dood bent., maar de elf weet niet wie of wat het is. Daarom wil ik je waarschuwen dat je op je hoede blijft.
Onder weg naar Avalon kan er van alles gebeuren, vertrouw niemand ,vrouwe. Zal ik doen heer,maar wees niet bevreesd de godin der dageraad zal mij beschermen. Voor dat je binnen kort naar Avalon vertrek wil ik je iets mee geven. Hij pakte het doosje wat hij onder zijn cape had en gaf het haar. Ze maakte het open ziet er een flesje in liggen. Dit flesje moetje aan mijn dierbare vriend de magiër Henegouwen geven.
Hij weet wat het betekend,bij de woorden Henegouwen kijk Ellianne hem verschrikt aan.
‘’Henegouwen? Maar die leeft niet meer Heer hij is nadat hij kruiden ging zoeken in het bos nooit meer terug gekeerd. En volgens zeggen heeft Raena hem om gebracht samen met Terros. Hebron glimlachte en zegt, ik kan je niet vertellen hoe het zit Ellianne je zal het zelf wel ontdekken. Dan hoorde beide een geluid en ze zien dat de raaf weg vloog. Ellianne kreeg een onbehagelijke gevoel overzich ook Hebron ze keken elkaar aan en begrepen dat er iets niet in orde was. Wat deed die raaf hier en hoelang zat hij er al.
Kom het is al laat , we moeten maar gaan slapen morgen is het een drukke dag. En jij moet alles voor je reis in orde brengen. Over tweedagen vertrekje .En samen liepen ze terug naar het paleis Hebron ging naar zijn vrouw en ellianne ging naar haar kamer toe . Kroop in bed en sliep snel in
copyright by Anja Mooij
Op een namiddag dat de lucht aan de westelijke horizon zwaar bewolkt was, reed Mylesso aan het hoofd van zijn stoet door de bossen heen. Op weg naar het elfenland waar zij voorlopig zullen verblijven tot hij terug kan keren naar Greenwoud. De reis was lang en de padden waren zeer slecht, maar niemand klaagde. Na drie dagen reizen bereikte ze het elfenland. Koning Hebron zag hun in de verte aan komen.Hij riep de andere elfen die snel aan kwamen lopen.De stoet naderde , langzaam.
Welkom sir Mylesso, welkom in het land der elfen.Ik hoop dat uw reis voorspoedig is geweest.
Dank u Sire Hebron , onze reis is heel goed verlopen. Mijn elfen zullen jullie begeleiden naar een plek waar gij uw kan vestigen.Ik hoop dat u vanavond met uw vrouw bij ons komt eten.
Dat zullen we zeker doen Heer Hebron,en dank u voor alles dat we hier mogen zijn.
Geen dank Sir Mylesso. Dan ziet heer Hebron een bekent gezicht, hij loopt op haar toe,Ellianne die net van een vrouw haar mand aan nam, zag hem niet aankomen.”Ellianne? jij hier ik dacht dat je op weg was naar avalon. Dan draait ze zich om na het horen van haar naam en kijk met verbazing de Elf aan.
Hoe weet u mijn naam Heer….O sorry mijn naam is Heer Hebron ik ben de koning van de Elfen.
Dan herinnert ze wie hij was, haar moeder heeft haar ooit erover vertelt.En in Avalon werd er veel over gesproken.Neem me niet kwalijk dat ik daar straks even verbaasd was, u noemde mijn naam en hoe weet u over Avalon, dat ik daar heen gaat. Hebron keek om zich heen, en pakte Ellianne bij haar arm en trok haar bij de andere vandaan. Ik wil dat je vanavond naar de bron komt, dan zal ik je alles vertellen. Ze was nu wel erg nieuwsgierig geworden, wat moest hij haar vertellen.En waarom mocht de andere niet weten.Hij draaide zich om en verdween,uit het gezicht .Ze keek hem na toen ze iemand zag staan op het balkon die snel weer verdween. Wie was die vreemde figuur die daar straks op het balkon stond, ze had gevoel dat ze bespied werd. Terwijl ze zo in gedachten stond, hoorde ze een bekende stem naast haar.In dromen land verzeilt geraakt Ellianne, ze draaide zich om en ziet Jado staan.Ze moest glimlachen toen ze hem zo zag staan gepakt en gezakt. De koning heeft naar je gevraagd nou ja eigenlijk zijn vrouw ik moest je van haar gaan zoeken. Ik ga met je mee Jado,ze keek nog een keer naar het balkon maar zag niets meer. Al pratend en lachtend liep ze weg, de vreemde figuur kwam voor de dag en kijk haar na,op zijn gezicht verscheen een duivelse glimlach.,en hij fluisterde haar naam.
Hij was blij dat niemand hem kon hij had zich uit gegeven voor een magiër,en zo het vertrouwen van de heer Hebron weten te krijgen. Het begon langzaam aan schemerig te worden, de vreemde figuur keek naar de lucht, vannacht als iedereen slaapt dan zal hij zich verandere in een zwarte raaf en de magiër Terros op de hoogte brengen .Maar voor dat hij dat doet wil hij weten waarom Hebron Ellianne vanavond bij de bron wil zien.
En wat hij haar wil vertellen, dan pas zal hij naar Terros gaan.Hij wist dat die niet blij zal zijn als hij weet dat Ellianne nog in leven is. Hij draaide zich om en ging naar binnen en ging naar de zolder kamer om zich voor te bereiden voor zijn reis. Als hij daar is, wordt er op de deur geklopt,hij loopt naar de deur en doet hem open.
Een van de elfen kwam binnen, en zei”Heer Hebron heeft gevraagd of u straks beneden komt eten.
Hij wil u voorstellen aan zijn gasten. Zegt maar tegen Heer Hebron dat ik aanwezig zal wezen.
De elf Baum ging weg . ‘’Hij moest ze eigen zo goed mogelijk op een hoop dingen voor bereiden.
Want hij wist dat Ellianne dingen snel aan voelt en hij hoeft maar een ding fout te doen , dan hangt hij.
Hij deed al zijn spullen in een houten kist die bij het raam stond en sloot hem af.En verborg de sleutel op een geheime plaats zodat niemand hem zal vinden. Want als ze in zijn spullen gaan neuzen dan komen ze er achter wie hij is. Hij keek nog even rond of alles weg geruimd was en liep de kamer uit op weg naar de grote zaal beneden.
Copyright by anja mooij
De zonlicht stroomde de torenkamer in en vormde een vlek op de houten vloer. De dwerg Nevyn zat met gekruiste benen op de stoel in het vertrek van Ellianne en keek aandachtig naar de slapende priesteres.
Ellianne wordt langzaam wakker en ziet de dwerg nevyn zitten .Goedemorgen Heer Nevyn .
Goedemorgen vrouwe Ellianne, ik hoop dat u goed hebt geslapen.Nee, heer u zal wel gehoord hebben dat de zilveredolken de koning wil doden.,en het land overnemen.
Ik weet het Vrouwe ik zag het in mijn visioen daarom moeten we de koning en zijn gemalin in veiligheid brengen. De koning is alles aan het klaar maken om te vertrekken, we moeten op schieten vrouwe .
Ellianne nam haar mand ik heb alles al in gepakt heer, kom we moeten gaan.
Snel lopen ze de toren trap af en kwamen in de grote hal terecht waar iedereen al klaar stond.
De page zorgde voor hun spullen en dan vertrek de koning en zijn gemalin met zijn volk het land uit.
Mylesso hart deed pijn, hij keek nog een keer om zal hij dit ooit nog terug zien.Dan bemerkt hij ellianne, die was blijven staan.Hij liep op haar af,ellianne kom we moeten gaan, we hebben een lange reis voor de boeg.
Dat weet ik mijn lord! “Alleen ik zal niet lang bij u blijven,eens zullen onze wegen scheiden.
Wat bedoel je Ellianne, onze wegen zullen ons scheiden, je gaat ons toch niet verlaten.
Ja, mijn lord binnenkort keer ik terug naar Avalon,om de nieuwe priesteres te ontmoeten, en mijn taak te vol brengen die van mij verlangt wordt. En al praten lopen ze verder,de avond was gevallen het werd koud,ze hadden in het bos hun kamp op geslagen. De koning had zijn wachters op dracht geven om op onderzoek uit te gaan.Drie van zijn beste mensen vertrokken en verdwenen de nacht in. Ellianne ging bij het kamp vuur zitten net als de anderen en ze luisterde naar de minstreel die zijn lied over de tovenaar Valoris zong.
Een kleine jongen komt op haar toe en kruipt op haar schoot,Ellianne wil jij voor ons een lied zingen.
Ze keek de kleine jongen aan, en moest glimlachen, wat zou je dan willen horen? Shadow of the Moon,zei de jongen. De minstreel begon te spelen en Ellianne zong het lied over de shadow of the Moon.
Mylesso die in zijn tent zat met zijn vrouw, hoorde het lied wat Ellianne zong, en keek verdrietig.
Debra keek hem aan, Mylesso waarom ben je bedroeft. Hij stond op en keek zijn vrouw aan, omdat Ellianne ons binnen kort zal gaan verlaten.”Debra schrok,verlaten?Maar waarom? Mylesso keek zijn vrouw aan en pakte haar beide handen vast. ‘’Ellianne ontmoet de nieuwe priesteres en zij moet haar taak volbrengen als priesteres.
Daarom keer zij terug naar Avalon, Debra . Maar nu blijft ze nog bij ons tot dat haar tijd is dat ze moet gaan.
Ik hoop dat het lang zal duren voor zij vertrek, wat moeten we zonder haar,Mylesso.
Mylesso keek zijn vrouw aan, en glimlachte, hij wist hoe gesteld zij op Ellianne was.
Alles komt weer goed ,mijn liefste vrouw alleen het zal een lange weg worden,zonder gevaren.
Maar gwenno zal over ons waken.
In het kamp was alles stil geworden iedereen was in diepe rust, soms hoorde je de wolven huilen.
Ellianne was nog wakker ze kon niet slapen ze liep de tent uit en liep naar de beek toe, en ging zitten op een rots.
Ze keek over het rimpelloze water, waar de maan in spiegelt,terwijl ze zo in gedachten was bemerkte ze niet dat een vreemdeling haar naderde. “Als de maan zich op een dag zich weer spiegelt in dit rimpelloze water dan zal gij terug keren naar Greenwood,en zal gij de zilveren dolken van de kwaad aardige magiër Terros verslaan.
Ze keek op en ziet een vreemdeling verhult in een monniken kleed,zijn gezicht kon zij niet zien.
Wie bent u? En wat bedoelde u dat ik terug zal keren naar Greenwood en de zilver dolken van de magiër Terros zal verslaan.Ik heb geen macht over hem,zijn macht is sterker dan de mijne.
Wie ik ben kan ik niet vertellen,alleen dat ik de boodschapper der elfen Orakel ben. Kijk in het water Ellianne en maak je gedachten vrij dan zie je hoe je hem kan verslaan,en De bevolking van Greenwood weer terug kan keren. Op je reis naar Avalon zal iemand zich bij je voegen, hij zal jouw helpen samen kunnen jullie de magiër aan.Zijn naam is magiër Valoris, samen zullen jullie reizen.
Dan zoals de vreemdeling was gekomen zo was hij ook weer verdwenen,ze keek in het water en zag hoe zei de magiër kon verslaan. Ze zag dat ze hem alleen kon verslaan door de zilveren staf met een rode robijn erin.
En die zilveren staf ligt in een donkere begroeide bos in een grot, die bewaakt wordt door een draak.
Wat zij zag verdween even later weer, de zon kwam op.
De ochtend brak aan,in het kamp was iedereen wakker en er heerste drukte overal,iedereen was aan het inpakken voor de reis naar het land der Elfen,waar zij zullen verblijven.
Ook Ellianne ging nog met hen mee, en zo vertrokken zij voor een lange reis naar het land der elfen.
Copyright bij anja mooij
De straten van het dorpje Greenwoud waren leeg deze avond. Meeste dorp bewoners van Greenwoud lagen in diepe rust. Terwijl ergens in een herberg nog gegons van mannen stemmen klinkt, die in de herberg hun sterken verhalen vertellen. Alles leek zo vredig die avond. Maar toch hing er iets dreigends in de lucht.
In het kasteel van koning Mylesso branden nog licht. Ellianne was nog wakker en stond voor het raam en keek het plein over. De maan liet een grillige schijnsel over het plein gaan uit haar ooghoek zag ze iemand over het plein sluipen. Ze werd nieuwsgierig en deed haar raam open en keek of ze de schim zag maar het was nergens te bekennen. Ellianne huiverde en keek naar de maan, haar gevoel zei dat er iets ging gebeuren.In de verte hoorde ze het gehuil van de wolven.Ze weet nog goed wat haar tante ooit vertelde als de wolven huilen dan is er iemand gestorven.En in haar hart voelde ze droefheid.
Terwijl ze nog in gedachten stond bij het raam,werd er op haar kamer deur geklopt. Ze liep naar de deur en deed hem open,de oude koning Mylesso stond voor haar. ‘’Sire? Wat doet u nog zo laat op, is er iets gebeurt.
Mylesso keek haar verdrietig aan, en ze begreep dat hij slecht nieuws kwam brengen. Ze bood hem een plaats aan bij het haard vuur.De koning keek naar de vlammen van de open haard, dan kijk hij Ellianne aan en zegt:
Ellianne mij is slecht nieuws te horen gekomen, de oude priesteres Diana is overleden.Een van de koeriers van avalon kwam het nieuws brengen.Ze keek de koning aan en zei, ik weet het sire.
De koning keek haar verbaasd aan,en zegt Ellianne hoe dan. Mijn tante vertelde als de wolven huilen dan is er iemand gestorven.Als de zon op komt dan zal er een nieuwe priesteres gekozen worden.
De oude koning stond op en liep naar het raam, hij bleef met zijn rug naar haar toe staan.Ze mocht zijn tranen in zijn ogen niet zien, zijn hart deed pijn hij wist dat ellianne ooit dit kasteel zou verlaten en haar taak zal vol brengen op Avalon. Maar hij wist ook dat er op al haar wegen gevaar loerde,en dat zijn rijk niet meer zal bestaan. Zijn gedachten werd onder broken door dat er op de deur werd geklopt,’’Binnen”’ zei Ellianne.
In de deur opening verscheen Bella het kamermeisje van de koning. Sire,uw vrouw de koningin debra vraagt of u beneden komt. De oude koning draaide zich om,en knikte naar Bella. Zegt tegen mijn vrouw dat ik kom Bella.
Bella draaide zich om en vertrok.De koning keek Ellianne aan, ze wist dat zij binnen kort afscheid van hun moest nemen. Ga nu sire, u vrouw wacht u ziet mij morgen weer. Mylesso draaide zich om en liep met gebogen hoofd de deur uit. Ze draaide zich om en liep naar het raam om hem te sluiten,ze pakte de toverleerboek van de tafel en ging bij het open haard vuur zitten.Telkens als ze een bladzij had omgeslagen staarde ze naar het open haardvuur,haar gedachten dwaalde steeds verder. Ze stond op en legde het boek terug op de tafel,toen ze iets tegen haar ruit hoorde tikken, ze deed haar raam open en ziet Jahdo beneden staan.
Ellianne ik moet je spreken het is dringend. Jadho was de stal knecht van de koning, hij was de enige die de paard van de koning mocht verzorgen.Ze sloot het raam en liep snel haar kamer uit,ze holde de lange toren trap af en stond even later op het plein. Jadho? Wat is er dat je mij zo dringend moest spreken.Vrouwe Ellianne fluister Jahdo u moet de koning waarschuwen er dreigt gevaar voor het koningrijk.’’Gevaar? Wat bedoel je wie wil het koningrijk kwaad doen. Jahdo ging zitten en ellianne ging naast hem zitten. Dan vertel jahdo wat hij had gehoord in de herberg. De zilverdolken willen de koning om brengen, en bezit nemen van zijn land.
De mensen zijn bang geworden er zijn er een hoop die willen vertrekken,over twee dagen vertrekken er al heel wat mensen. Ellianne keek jahdo aan, maar waar moeten deze mensen naar toe jahdo? Ik weet niet vrouwe en ze kon horen aan zijn stem dat hij verdrietig was. Wat je mij vertelt hebt moet je aan de koning vertellen.
Hij schudde zijn hoofd, nee vrouwe u moet hem dit bericht gaan brengen,ik een eenvoudige stal knecht zal nooit geloofd worden. Jahdo je bent zijn trouwe stal knecht, waarom zou hij jouw niet willen geloven.
Ik weet het niet vrouwe, mijn hart zit vol verdriet en ik kan hem dit niet vertellen.
Ze stond op en keek jahdo aan, goed ik zal jouw boodschap door geven aan de koning.
De toren klok sloeg 23.00 uur ellianne ging terug naar binnen,en ging naar haar kamer.
Morgen zal ze het slechte nieuws vertellen aan de koning en de koningin.
Ze kroop in bed en probeerde de slaap te vatten, maar steeds dacht ze aan wat jahdo haar had vertelt.
Eindelijk valt zij in slaapt.
Anja